zaterdag 9 maart 2013

Het Evangelie

In deze korte column stip ik de afkomst en het gebruik van het woord 'Evangelie' aan. Daarbij behandel ik tevens de basisstructuur van het Evangelie, meer in het bijzonder de zogenaamde Q-traditie.

Zoals eerder op dit blog aangegeven zijn de Evangeliën weerspiegelingen van specifieke schrijvers en hun tradities op het leven van Jezus van Nazareth, die ze Christus noemen. Mensen vinden heil van Godswege in Jezus en geven een reflectie en respons op deze disclosure-ervaring. Tijdens concilies zijn uiteindelijk vier officiële Evangelies opgenomen in de Bijbel (canonieke evangelies). Het betreffen die van Marcus, Mattheus, Lucas en Johannes. De eerste drie horen gezien hun inhoud en structuur bij elkaar. Samen noemen we ze de synoptische evangelies. Het vierde Evangelie is van Johannes. Dit Evangelie is later geschreven, meer filosofisch van inslag en staat daarmee op zichzelf.

Betekenis van het woord Evangelie
Het woord `evangelie' is afgeleid van het Griekse eu-aggelion. Het komt voor het eerst voor in het oudste evangelieboek, namelijk dat van Marcus, en wel in de titel: `Begin van het Evangelie van Jezus Christus'. Bij de andere synoptische evangelisten komt het woord veel minder voor. Mattheus gebruikt het alleen wanneer er tevens een nadere bepaling aan wordt gegeven, zoals het Evangelie `van Gods heerschappij'. Hij gebruikt het dus niet als een opzichzelfstaand woord. Lucas gebruikt het woord evangelie helemaal niet. Daarmee lijkt het woord nadrukkelijk te zijn gebaseerd op de Marciaanse traditie, alhoewel later ook de apostel Paulus het in zijn brieven zeer veelvuldig gebruikt.

De opening van het Evangelie volgens Marcus (`Begin van het Evangelie volgens Marcus') confronteert ons direct met een grammaticaal-theologische moeilijkheid. Is het namelijk een evangelie over of een evangelie van Jezus Christus? Dat is een wezenlijke vraag met verstrekkende gevolgen. Om het antwoord op te kunnen geven is nadere bestudering nodig. Het blijkt dat Marcus het woord Evangelie op één keer na voortdurend uit de mond van Jezus laat komen; een niet onbelangrijke vaststelling. Op die manier presenteert Marcus het evangelie nadrukkelijk als de blijde boodschap die Jezus ons zélf van Godswege brengt. Dus zowel over (Hij is het heil) als van (Hij brengt het heil). Het Evangelie is daarmee de boodschap gericht aan de hele wereld, waarvan Jezus zélf de kern is. Zijn woorden, daden, lijden, dood en kerkelijke identificatie staan voortdurend centraal.

Beknopte geschiedenis en de Q-traditie
Zoals aangegeven is het Evangelie volgens Marcus het oudste deel. Het is algemeen aanvaard dat de schrijvers van de twee latere werken, Mattheus en Lucas, kennis hadden van het werk van Marcus. Die vaststelling volgt uit de vaststelling dat van de 661 verzen uit het Marcusevangelie er 600 door Mattheus en 350 door Lucas worden gebruikt. Beide bouwen dus sterk op de grondbeginselen van Marcus. Opvallend is echter dat er ook forse ruimte is voor andere elementen dan de Marcusfundamenten. Ongeveer 200 verzen die niet in Marcus voorkomen komen wel voor in Mattheus én in Lucas, vaak zelfs woordelijk. Enig verschil is dat Mattheus en Lucas dit niet-marciaans materiaal een geheel andere plek geven. Dit verschil is echter cruciaal omdat daarmee wordt vermoed dat Mattheus en Lucas elkaar niet lijken te hebben beïnvloed  ze schreven dus onafhankelijk van elkaar en hebben elkaar naar grote waarschijnlijkheid nooit ontmoet. Deze overtuiging wordt verder versterkt door de constatering dat beide evangelisten  vaak fundamenteel van Marcus verschillen, maar in die verschillen onderling vaak niet eensluidend zijn. Deze constatering, met nog allerlei te maken wetenschappelijke nuances, lijken  sterk aan te tonen dat Mattheus en Lucas naast Marcus een gezamenlijke andere bron tot hun beschikking moeten hebben gehad. Dat dit een schriftelijke bron moet zijn geweest blijkt wel uit het feit dat de woordelijke overeenkomsten zo groot zijn. De hypothese dat Mattheus en Lucas de beschikking hebben gehad over een gezamenlijke andere bron dan Marcus (die ons echter nooit bekend is geworden) is daarmee algemeen aanvaard. Die these wordt naar het Duitse woord Quelle (bron) aangeduid als de Q-traditie. Die Q-traditie wordt versterkt doordat Marcus en Lucas elkaar niet lijken te hebben beinvloed. Ze interpreteren de Q-fragmenten anders en verweven ze geheel verschillend met het Marcusdeel.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten